Rode Sneeuw

In de koude winter ergens in 1900 leefden de familie Candell. Ze woonden geïsoleerd in het bos van Rusland.

'Lillium, wat is er toch met je?' vroeg Charlie, haar broer. Lillium zat voor het raam. Sneeuw hing als een witte deken over de bomen heen. De verse sneeuw glinsterde in het maanlicht. Alhoewel de haard aangestoken was, voelde Lillium de kou van buiten. Ze beet op haar lip, ze voelde hoe er een brok in haar keel werd ontwikkeld. Moeizaam slikte ze. Wat wilde hij van haar? Lillium zuchtte nog een keer diep.
'Niks.' fluisterde ze uiteindelijk. Haar stem trilde, haar adem besloeg het raam. Charlie knielde bij haar neer en pakte haar handen stevig vast. Lillium bestudeerde haar grote broer. Zijn bloedrode haar gaf haar kippenvel. Zijn goudgroene ogen keken haar vragend aan. Lillium knipperde een paar keer.
'Je ziet er erg mooi uit hoor.' zei hij zacht. Charlie's adem rook naar mandarijn, iets dat nooit in huis was. Daarom praatte Lillium graag met hem, ze adoreerde mandarijn.
'Vind je je jurk niet mooi?' vroeg Charlie bezorgd. Lillium glimlachte.
'Nee, hij is prachtig.' zei ze lief en gluurde naar Charlie, vanonder haar wimpers.
'Wat is er dan?' vroeg Charlie weer en pakte Lillium's kin vast.
'Ik voel me niet zo lekker.' loog ze. Ze had eigenlijk geen zin in het bezoek vanavond. Ze moest altijd beleefd zijn en laten zien dat zij de perfecte dochter was. Charlie aaide Lillium's wang. De bleke huid van haar verkleurde rood.
'We moeten straks weer spelen, toch?' vroeg Charlie, om de stilte te verbreken.
'Wil je alvast een stukje voor mij spelen?' vroeg Lillium en liep naar de eikenhouten piano. Charlie kon werkelijk prachtig piano spelen en Lillium zong prachtig. Charlie ging zitten op de kruk en gebaarde naar Lillium om naast hem te komen zitten. Dat deed ze en Charlie begon te spelen. Zijn vingers dansten over de toetsen. De muziek klonk magisch in Lillium's oren. Ze sloot haar ogen en leunde tegen haar broer aan. Na een tijdje stopte de muziek. Charlie keek naar zijn halfdromende zusje.
'Lillium, kom eens helpen in de keuken!' riep moeder opeens. Lillium stond gauw op en streek haar jurk glad. Charlie glimlachte en keek haar na, hoe ze strompelend naar de keuken verdween. Het rook er naar rosbief, aardappelen en wortelen.

Lillium even later liep naar de gang toe. In de gang stonden de gasten. Ze hadden de jassen al opgehangen. Meneer en mevrouw Candell praatten met een oude man. Hij was niet knap, maar hij had iets van charme om zich heen. Er was ook een lange jongen met iets mysterieus. En dan een engel. Een prachtig meisje met een prachtige jurk. De lange jongen liep op Lillium af. Zijn ogen schrokken haar af. Hij pakte haar hand.
'Jake Woods. Dit is mijn zusje, Estella.' zei de jongen. Lillium zag dat Charlie naast haar stond en Estella's hand schudde. Zijn mondhoeken krulden.
'Lillium Candell, leuk je te ontmoeten.' zei Lillium verlegen.
'Charlie, dit is mijn zusje.' zei Charlie meteen en grijnsde. Lillium kon nog net een zucht onderdrukken. Waarom waren de mensen hier? Opeens liep de oude man met charme op haar af en gaf haar een kus op haar hand.
'Ik ben de vader van Jake en Estella, fijn om je te ontmoeten, Lillium.' zei hij. Zijn stem deed pijn aan haar oren. Iedereen liep naar de eettafel en nam plaats. Lillium bekeek haar vader die ongemakkelijk heen en weer schoof. Moeder was druk in gesprek met meneer Woods. Lillium zag hoe haar vader's gezicht betrok van jaloezie. Hij knauwde op een stukje vlees. Hij leek boos. Lillium schudde haar hoofd en prikte een aardappeltje op haar vork. Charlie lachte. Zeker om Estella, bah.
'Wat zit je nou te spelen met je eten, Lilli?' zei hij. Lillium keek op. Ze glimlachte.
'Ik heb niet zo'n honger geloof ik.' zei ze.
'Daarom blijf je zo slank!' lachte Jake. Charlie lachte mee. Lillium zag dat Estella een stukje groente probeerde te eten, maar het toch weer neerlegde.
'Valt wel mee, hoor.' zei Estella beheerst. Lillium merkte meteen dat Estella haar niet mocht. Dat had ze nogal vaker met meisjes, wat Lillium ook deed.

'Hmm, dit was echt heerlijk, mevrouw Candell.' riep meneer Woods en depte zijn mond met een servet. Moeder lachte bescheiden. Lillium walgde van haar.
'Ach, meneer Woods. Ik doe mijn best.' zei ze blozend. Lillium merkte op dat mevrouw Woods er niet was, ookal droeg meneer Woods een trouwring. Zou ze dood zijn?
'Lilli, Charles, vermaak ons eens!' riep meneer Candell opeens. Zus en broer liepen naar de piano. Charlie nam plaats achter de piano en haalde diep adem. Zijn vingers begonnen te dansen en Lillium begon te zingen. De pianoklanken klonken weer fantastisch in haar oren. Ze sloot haar ogen en zong. Ookal moest ze iets bewijzen, het was altijd fijn om met Charlie samen iets moois te maken. Vol bewondering staarden Jake en Estella naar hen. Lillium deed haar uiterste best om zo goed mogelijk te zingen. Toen het lied eindigde bloosde ze, want Estella zag groen van jaloezie. Die zat, dacht Lillium tevreden.
'Prachtig, wonderlijk!' riep meneer Woods en klapte in zijn handen. Snel gingen broer en zus weer zitten. Lillium staarde naar haar handen, die trillend op haar schoot lagen. De adrenaline raasde door haar lichaam. Ze merkte dat ze flinke zweethandjes had. Lekker dan. Gaf meneer Woods weer een kus, had ie zweet van een jong ding in z'n bek. Lillium giechelde. Ze voelde hoe Jake naar haar keek. Wat een engerd.

De familie's stonden samen in de gang, de voordeur stond open. De kou blies tegen Lillium's gezicht aan. Kippenvel, alweer.
'Het was erg gezellig, mevrouw Candell.' zei meneer Woods en gaf haar een kus op haar hand. Lillium zag dat vader's gezicht betrok van afschuw.
'Je zag er mooi uit vanavond, Lillium. Ik hoop dat we elkaar nog vaker kunnen zien.' zei Jake en pakte haar hand. Voordat Lillium het wist drukte Jake een kus op haar hand. Gatver, zweetlikker. Estella gaf Lillium een 'vriendelijke' omhelzing en liep naar buiten, met Jake achter haar aan. Grote vlokken vielen in het haar, terwijl ze naar de glanzende auto liepen. De auto bromde en klonk ongeduldig. Lillium voelde dat haar hand gloeide, alsof die kus er op gebrand was. Charlie zwaaide nog even en pakte zijn zus' hand. Nu gloeide haar hand helemaal, merkte Lillium. Was ze verliefd op haar broer? Dromerig staarde ze de auto na.

Even later zat Lillium in de porseleinen badkuip. Ze legde haar hand op de kraan. Het koude metaal gaf haar kippenvel. Het water klotste tegen haar benen aan.
De onrust in haar hoofd ebde weg. Ze sloot haar ogen en probeerde met haar tenen te wiebelen. Wat was er toch met moeder en vader, dacht Lillium.
'Lilli, ben je daar?' riep iemand opeens. Lillium herkende de stem. Schor en mannelijk. Charlie. Lillium leunde achterover. Haar rug raakte de koude badrand. Op haar voorhoofd stonden zweetdruppeltjes. Wat een zweterigerd was ze vandaag. Toen voel Charlie haar gedachten binnen. Ze twijfelde, binnen laten of wegjagen?

'Ja, kom maar binnen.' zei Lillium uiteindelijk. Ze merkte dat haar stem trilde. Er verscheen één been vanuit de kier van de deur. De rest van Charlie's lichaam verscheen ook. Koude rillingen kropen over Lillium's naakte rug. Charlie had een handdoek om zijn heupen geslagen. Lillium kon haar ogen niet afhouden van zijn bovenlichaam. Glad en gespierd en donkere tepels. Lillium kneep haar ogen dicht. Waar dacht ze nou in hemelsnaam aan? Dit was haar broer, hallo! Toen hoorde ze dat Charlie in bad stapte. Lillium keek op en zag dat hij tegenover haar lag. Ze keek hem doordringend aan, langzaam schoof ze dichterbij. Hun neuzen raakten elkaar bijna. Lillium, wat doe je? galmde in haar hoofd.
'Lilli, wat ben je aan het doen?' piepte Charlie. Lillium bleef hem aankijken. Ze kon hem wel opeten, zo schattig was hij.
'Niks.' mompelde ze toen en legde voorzichtig haar hand op zijn borstkas. Ze voelde zijn hart kloppen. Bij elk klop kon Lillium moeilijker ademhalen. Charlie keek naar zijn zusje, wie twee jaar jonger was, maar werkelijk bloedmooi. Lillium werd met een dreun weer terug in de realiteit gegooid. Ze stapte uit bad en greep een handdoek. Charlie riep haar. Ze sloeg de handdoek om zich heen en rende weg, naar haar kamer. Ze was verblind door haar tranen. Kletsnat en huilend ging ze liggen op haar bed. Wat was ze in godsnaam aan het doen? Ze sloot haar ogen, hopend dat de chaos in haar hoofd weg zou gaan.

'Lillium, ik houd van je, kus me!' riep Charlie. Lillium viel in zijn armen en zoende hem passievol. Beiden betastten ze elkaar en hijgden voor meer.
'Blijf bij me, Lilli.' kreunde Charlie, terwijl hij haar lichaam afspeurde met zijn lippen.

Lillium veerde met een gil overeind. Daar lag ze nu. Halfnaakt, slaperig en bezweet op bed. Het was maar een droom. Nee, een nachtmerrie...Was ze nou in slaap gevallen? Lillium bekeek haar lichaam. Ze lag met een handdoek op bed. Haar haren waren nog vochtig. Wat een dwaas was ze! Geïrriteerd stond ze op en trok ze haar nachtjapon aan. De flanellen stof gleed over haar lichaam. Zonder enige moeite kroop Lillium weer in bed, stijf en koud. Charlie. Charlie. Charlie.

De volgende ochtend zat de familie Candell aan het ontbijt. Broodjes uit de oven, koffie, thee, gekookte eitjes en kaas lag op tafel.
'Heb je lekker geslapen, lieverd?' vroeg mevrouw Candell aan haar man.
'Mjuh.' bromde meneer Candell. Het akkefietje van gisteravond schoot door Lillium's gedachten. Meneer Candell's gezicht wanneer meneer Woods flirtte met mevrouw Candell. Hadden ze ruzie? Lillium schraapte haar keel.
'Wat is er toch met je, Lilli?' vroeg Charlie en liet zijn bestek met gekletter vallen op zijn bord. Aan zijn lip zat een beetje jam, wat schattig. Lillium vermande zichzelf.
'Er is niks!' beet ze hem toe. Ze keek hem vurig aan en at moeizaam verder. God, wat was hij toch mooi.

Die middag liepen Charlie en Lillium rond op de manege. De geur van hooi en het geluid van trappelende hoeven stelde Lillium op haar gemak. Maar toch voelde ze ergens spanning in haar lichaam. Kwam het door Charlie?
'Ik ga Dimitri halen.' zei Charlie opeens en liep weg. Lillium liet haar hoofd hangen en liep langs de stallen. Opeens rook ze haar lieveling. Zo'n aparte geur die je meteen herkende. Lillium keek op. Ze zag Dakota staan te trappelen. Ze leek enthousiast.
'Hoi meisje, heb je zin om een ritje te maken?' fluisterde Lillium en opende het deurtje. Dakota stapte vrolijk naar buiten en keek rond. Lillium begeleide het paard en zadelde het op. Vlug veegde Lillium een pluk uit Dakota's ogen en sprong op haar rug. Lillium reed naar de poort. Het getik van Dakota's hoeven gaven haar een fijn gevoel. Charlie stond al bij de poort op Dimitri, een hengst zonder manieren en een temperament waar je u tegen zei. Charlie keek haar niet aan.
'Kom op, laten we gaan.' zei hij kortaf en reed weg. Lillium moest snel reageren en probeerde naast hem te blijven. Elke zondag maakten Lillium en Charlie een ritje door het bos, ondanks de sneeuw. De hoeven kraakten in de verse sneeuw. Lillium blies wolkjes adem uit. Peinzend keek Charlie voor zich uit. Bij elke stap leek hij zich ongemakkelijker te voelen. Schuldgevoel kroop over Lillium heen.
'Het spijt me van vanochtend.' piepte Lillium zachtjes. Charlie keek verstrooid op.
'Het is al goed, Lilli. Zeg, wat vind jij van Estella? Ze was best wel aardig toch? Maar ik vond Jake een enge jongen.' ratelde Charlie.

'Ben je...Ben je verliefd op haar?' fluisterde Lillium. Charlie lachte.
'Welnee. Ik ken haar nauwelijks. Ze was wel erg mooi.'. Lillium zuchtte en dwong zichzelf om haar tranen binnen te houden.
'Niet zo mooi als jou, hoor. Estella's jurk was niet zo mooi. Jij was perfect...Net een engeltje.' zei Charlie met vlammend rode wangen. Lillium bloosde.
'Zullen we terug gaan?' vroeg Charlie. Lillium knikte. Met een fijn warm gevoel in haar hart reden ze terug.

Terug op de manege, bij de poort, stonden Charlie en Lillium te wachten totdat de auto hen zou komen halen. De kou drong binnen Lillium's leren jas, maar vanbinnen voelde ze zich warm. Ze keek haar broer aan. Langzaam schoof ze dichterbij. Ze rook Charlie's vertrouwde mandarijnen adem. Er sprong een vonk over en hun lippen raakten elkaar. Gedreven zoenden ze elkaar. Lillium voelde zijn warmte tegen zich aangedrukt, terwijl Charlie haar in zijn armen sloot. Lillium raakte zijn wangen aan, maar ze voelde opeens een klap tegen haar wang. Met opengesperde ogen keek ze Charlie aan. Hij was kwaad, merkte ze. Haar lip bloedde, terwijl bloed in de witte sneeuw drupte. Lillium voelde dat haar wangen weer nat werden.
'Wat doe je?' fluisterde Lillium angstig. Charlie deinste achteruit.
'Doe niet zo dwaas! Dit is walgelijk, Lilli!' schreeuwde hij en gaf zijn zusje een duw.
'Het spijt me, het...het ging per ongeluk!' jammerde Lillium huilend. Terwijl ze dat zei klonk de motor van een auto dichtbij. Lillium rende naar de auto toe. Verdoofd stapte ze in, gevolgd door de norse Charlie. De leren bank voelde ijskoud aan aan Lillium's rug.
'Sorry...' fluisterde Lillium. Charlie keek haar niet aan.

'Lilli, wat is er met je gebeurd?' vroeg meneer Candell. Lillium zat op een stoel in de keuken met haar vader. Lillium schudde haar hoofd en depte haar lip schoon. Hij was dik en opgezet...En het deed nogal zeer.
'Niks...Was gevallen.' mompelde Lillium en boog haar hoofd. Haar vader zuchtte en drukte een kus op haar voorhoofd. Hij rook naar sigaren. Lillium keek naar zijn gezicht. Hij werd oud, zag ze. Hij had een grijze kruin en zijn oogleden waren een beetje gezakt. Hij lachte vriendelijk en liep weg. Lillium bleef alleen achter in de keuken, radeloos.

Lillium zat voor het raam. Het incident op de manege was een paar weken geleden gebeurd, maar Charlie wou haar nog steeds niet spreken. Lillium staarde naar de bomen. Grote vlokken sneeuw vielen uit de lucht op de naakte takken. Lillium voelde haar maag knorren, maar diep van binnen had ze geen honger. Ze keek naar de mensen die soms langs liepen met hun kinderen die in de sneeuw speelden. Vocht gleed in druppels van het raam naar beneden. Lillium keek naar de lucht. Hij was wit. De zon was nergens te bekennen.
'Mevrouw, er is een brief voor u.' zei iemand achter haar. Lillium voelde dat de persoon de brief neerlegde op haar schoot. Lillium keek nog steeds naar buiten.
'Je kan gaan.' zei Lillium meteen. De deur werd achter haar dicht gedaan. Ze was alleen. Ze hield de brief vast in haar ijskoude handen. Ze opende hem.

Lieve Lillium,

Ik heb geweldig nieuws. Maar ik wil je het graag direct vertellen. Kom vanavond naar de brug in het bos.

Voor altijd de jouwe,
Jake Woods

Lillium voelde dat het perkament uit haar handen viel. Verward keek ze naar de brief die op de grond lag. Lillium had geen gevoel in haar handen, zo koud waren ze.

De sneeuw kraakte en plofte terwijl Lillium door de sneeuw struinde, naar de brug. Ze was na het eten meteen weggegaan, ze moest weten wat het nieuws was. Lillium voelde de koude wind tegen haar wangen snijden. Met haar handen in haar zakken probeerde ze rechtop te blijven staan. Het was donker en ze was bang. Het bos, dat tegenover haar huis groeide, was angstaanjagend. Lillium keek om zich heen. Ze hoorde overal takjes breken en geschuifel. Was ze alleen, of bekeek iemand haar? Lillium kon met moeite haar tranen inhouden, ze was doodsbang. Snel rende ze door het bos. De wind schaafde nu echt langs haar wangen. Links, recht, links ging Lillium. Even bleef ze staan. Ze blies haar adem uit. In haar ooghoeken zag ze de rivier. Hij was bevroren, maar hier vlakbij moest de brug zijn. Opgejaagd holde Lillium langs de rivier. Ze was blij dat ze een muts op had, haar oren waren tenminste niet afgevroren. De brug was verlaten, merkte Lillium. Ze stapte met één fout op de brug. Het hout kraakte gevaarlijk. Met ingehouden adem sloop Lillium de brug op en wachtte. Haar prachtige leren laarzen met hak waren bedolven onder de sneeuw. Jammer, maar waar was Jake nou?
'Jake?' riep Lillium. Haar stem klonk wanhopig. Verblind met tranen stond ze daar. Plotseling pakten twee stevige handen haar vast van achter. Lillium draaide zich met een ruk om, ze keek in het grijnzende gezicht van Jake. Lief veegde hij haar tranen weg.
'Was je bang?' fluisterde hij. Zijn stem klonk bezorgd. Lillium knikte.
'Ik ben er nu, er kan niks gebeuren.' zei Jake dapper. Lillium leunde tegen de brugleuning aan. Ze staarde naar de bevroren rivier.
'Uhm, ik moest je iets vertellen. Het is echt geweldig.' zei Jake en keek dromerig naar Lillium. Haar haar krulde tot haar rug, het glansde ook.
'Wat is er dan?' mompelde Lillium. Haar stem klonk zo licht en sprankelend. Het gaf hem koude rillingen. Haar ogen waren zo mooi, het was een kleur die hij niet kon beschrijven. 'Ik ben uitgehuwelijkt. Ik word jouw man.' fluisterde Jake en speelde met een pluk van Lillium's haar. Ze keek hem verbijsterd aan. Haar lippen...Jake raakte ze zachtjes aan met zijn duim. Hij wreef er even overheen. Ze waren warm.
'Volgende maand, jij en ik. Charles en Estella gaan ook trouwen.' zei Jake. Lillium deinste achteruit. Haar ogen vulden zich met tranen. Ze rolden over haar rode wangen. Ze drupten op het hout van de brug. Het enige geluid wat er klonk, was het gebonk van haar hart. Haar hart dat verwoest werd. Lillium perste haar lippen op elkaar en liep steeds verder van Jake weg. Haar maag draaide zich om. Ze voelde zichzelf wankelen. Snel draaide ze zich om en rende ze weg. Jake bleef verbaasd achter.

Lillium begroef zichzelf in haar eigen verdriet. Ze lag op haar bed. De enige lichtbron in haar kamer was de kaars die ze had aangestoken. Ze hoopte dat hij haar zou verwarmen. Tranen trokken brandende sporen over haar wangen. Ze voelde zich een spons. Ze nam al haar verdriet op en liet het los in één keer. Maar het was te veel, ze kon niks meer opnemen, alles moest eruit. De ondraaglijke druk in haar borst werd alleen maar erger. Ze wilde Charlie, en niemand anders. Ze wilde twee armen om haar heen, die haar zachtjes heen en weer wiegden. Ze wilde geliefd worden door hem. Meneer Candell had Lillium weggegeven voor een stuk land, onbegrijpelijk. Jake wilde in Sint-Petersburg wonen, in de stad. Lillium hield niet van de stad. Veel te veel geluid en beweging. Charlie zou ergens anders wonen, ergens hier in de buurt. Lillium zou hem nooit meer zien en dat brak haar hart.

In de tussen tijd, lag Charlie te creperen in zijn bed. Zijn ontblootte bovenlichaam was bezweet. De lucht was opgeklaard, de maan scheen door het raam. Machteloos hoorde hij aan hoe Lillium verdronk in verdriet. Ze deed zo zacht mogelijk, maar de muren waren flinterdun. Ze leek zo dichtbij, maar ze was zo ver weg. Charlie ademde langzaam in en uit. Hij probeerde het geluid uit te zetten, maar het wilde niet. Alsof hij gedwongen werd om Lillium te zien lijden. Diep vanbinnen wist hij niet waarom Lillium huilde. Omdat ze hier weg moest? Charlie kroop overeind en haalde een hand door zijn warrige haar.
Lillium was stil, merkte hij. Voetstappen klonken in de gang. In de deuropening van zijn kamer stond een wit spookje met rode krullen.
'Mag ik bij jou slapen?' vroeg het spookje. De stem van het spookje beefde. Charlie trok de deken open als een uitnodiging. Het spookje liep snel naar hem toe en kroop tegen hem aan. Lillium's lichaam was koud. Charlie ging naast haar liggen. Hij steunde op zijn hand. Lillium keek hem aan. Haar ogen waren echt prachtig.
'Het spijt me echt heel erg.' piepte ze. Charlie smolt.
'Het is al goed.' zei hij tenslotte.

Lillium kon niet geloven wat er gebeurde. David lag naast haar. Met zijn gouden ogen keek hij haar verlangend aan. Met zijn vingertoppen streelde hij haar naakte hals. Hij boog over haar heen. Hun lippen raakten elkaar aan. De blauwe muren draaiden om Lillium heen, zo intensief was ze bezig met haar broer. Charlie's bovenlichaam werd verlicht door de maan. Lillium voelde hoe haar flanellen japon van haar heupen gleed.

De vogels zongen Lillium wakker. Charlie lag naast haar. Hij sliep nog, met zijn mond een beetje open. Lillium kroop uit bed. Haar tenen raakten de ijskoude vloer. Vandaag zouden ze gaan wandelen met de familie. Opeens voelde Lillium hoe koud ze het eigenlijk had. Ze bekeek zichzelf. Ze was helemaal naakt? Lillium snelde naar de douche. Ze stapte in en liet het water stromen over haar bleke lichaam. Ze schudde haar donkerrode haren naar achteren. Nu hoorde ze de voetstappen van Charlie. Hij was dichtbij. Met een ruk trok hij het douchegordijn open. Hij was ook naakt. Lillium omhelsde zichzelf beschaamd.
'Wat hebben wij gedaan?' vroeg Charlie verbeten.
'Niks.' loog Lillium. Charlie trok het gordijn weer dicht en Lillium hoorde hoe hij de badkamer verliet. Wat er gisteravond gebeurd was, kon Lillium zich ook niet echt herinneren. Alsof er een puzzelstukje zoek was uit de puzzel. Lillium deed haar best om de stukjes te zoeken, maar het ging gewoon niet. Lillium stapte pas uit de douche totdat haar huid roodgloeiend was en stoomde. Lillium trok haar blauw geruite jurk aan en stak haar haar op. Ze poederde haar gezicht, wat lippenstift, mascara en rouge. Lillium was klaar en ze liep naar de woonkamer. In de keuken zag ze haar moeder en vader staan. Ze maakten ruzie. Hun stemmen klonken gedempt. Lillium schuifelde dichterbij.
'Waarom nu? Kunnen we niet morgen naar boer Ames gaan?' bitste mevrouw Candell.
'Nee, maak er niet zo'n punt van, Mascha. Estella en Jake gaan al met Lilli en Charles mee. Wij gaan gewoon naar Ames, dan krijgen we misschien een groter deel.' beet meneer Candell haar toe. Lillium zuchtte en trok haar jas aan. Ze bond een sjaal om haar nek en een trok een stel leren handschoenen aan. Ze voelden niet prettig aan, terwijl ze deze van Charlie had gekregen. Ze roken zelf naar hem.
'Ik ben klaar.' riep Charlie. Lillium keek op. Hij leunde over de trapleuning met zijn jas al aan. Hij zag er leuk uit. Zijn rode plukken lekker warrig.
'Moeder en vader kunnen niet mee. Estella en Jake gaan met ons.' vertelde Lillium en liep meteen de deur uit. De sneeuw leek ze niet te voelen.

Ploffend en krakend liepen Lillium en Charlie in de sneeuw naar het Woods huis. Lillium had een rothumeur, merkte Charlie. Hij belde aan en hoorde hoe Lillium zuchtte. De houten deur vloog open en Estella kwam aangetrippeld. Ze had een donkerblauwe jas aan en een stel rode laarsjes. Vervolgens klampte ze zich vast aan Charlie. Jake omhelsde Lillium, maar er was geen blijdschap of vuur te zien. De groep begon te lopen. Jake en Lillium liepen voorop gearmd. Charlie bekeek haar eens goed. Ze was eigenlijk wel mooi. Haar heupen wiegden bij elke stap heen en weer.
'Je ziet er goed uit.' fluisterde Estella verlegen. Charlie negeerde haar compleet.

Charlie keek naar Lillium. Losse rode plukjes haar wapperden mee met het ritme van de wind. Ze was werkelijk beeldschoon. Opeens stopte Estella. Charlie draaide zich verbaasd om. De afschuw droop van haar gezicht af. Hij haalde zijn hand door zijn haar en wierp een blik op Jake en Lillium. Estella gaf Charlie een harde por. Charlie keek haar weer aan.
'Jij bent verliefd op je eigen zus.' fluisterde Estella. Charlie sperde zijn ogen. Toen begon hij te lachen. Hij pakte Estella's hand en begon weer te lopen. Hij schudde zijn hoofd.
'Ze is mijn zusje.' zei hij luchtig. Diep van binnen kon hij wel janken. Estella had gewoon gelijk. Hij was verliefd op Lillium en hij zou niets liever willen dan haar vasthouden. Estella daarentegen leek opgelucht. Ze liet haar hoofd op zijn schouder rusten en bevestigde zijn antwoord met gemompel.

Lillium's vingers tintelden toen ze naast haar moeder zat op de bank in de woonkamer. Jake had haar nog een afscheidskus willen geven, maar ze was meteen naar binnen geglipt. Haar moeder had een witte jurk op haar schoot liggen. Lillium streek over de stof. Hij was wit, met kant en gouden bloemen. Hij was mooi. Maar diep van binnen wilde ze hem wel kapot scheuren. Mevrouw Candell schoof Lillium de naaikamer in en riep een paar dienstmeisjes die haar dochter begonnen uit te kleden. Het korset werd zo hard aangetrokken dat Lillium naar adem moest happen. De stof kriebelde gigantisch en ze wilde hem echt verscheuren. De dienstmeisjes begonnen achter haar rug om te fluisteren.
'Verwend nest. Gaat ze trouwen met een rijke man, is ze nog niet blij.' siste er eentje. Lillium voelde een zware kracht op haar borst landen en een brok in haar keel.
'Ik kan wel geloven dat mevrouw Candell zo'n dochter heeft. Zijzelf is niet veel anders.' snoof nog een meisje. Lillium's ogen schoten vol met tranen. Trillend van woede pakte ze een Chinese vaas vast. Met luid gekletter vloog hij in stukken tegen het raam. Lillium greep een kledingrek en gooide hem op de grond. Hoe durfden die trienen? Ze gilden en renden weg. Lillium ketste nog een paar kostbare schilderijen op de grond. Ze keek hijgend rond. Toen zag ze zichzelf in de spiegel. Haar hoofd bonkte onophoudelijk terwijl ze dichterbij kwam. Met een gil vloog haar blote vuist tegen de spiegel aan. Plotseling klonk het geluid heel ver weg. Lillium zweefde als het ware boven zichzelf. Ze zag hoe ze op de grond viel en greep naar haar hand. Bloed drupte op de witte jurk. De deur vloog open en Charlie kwam binnen. Hij greep zijn zusje vast en keek haar aan. Haar huid was geschramd door het glas en haar wangen waren vuurrood. Hij tilde haar op en liep de kamer uit. Ze werd op bed gelegd en haar broer verliet de kamer weer. Het geluid werd steeds harder in Lillium's hoofd. Ze opende haar ogen. Ze keek om zich heen. Ze lag op bed met de niet meer zo witte jurk aan. Ze wankelde naar de badkamer en rukte een linnen zakdoek uit de kast en drukte haar brandende hand in het doekje. Ze verging van de pijn die trok door haar aders naar haar borstkas. Haar ademhaling was snel en gehaast. Lillium verbeet haar verdriet en concentreerde zich op de pijn. Dat was beter dan moeten herleven wat er in haar hart afspeelde.

De weken gingen voorbij. Het werd januari. Op 26 januari was de bruiloft. Lillium besloot naar de stad te gaan. Ze wilde er uit, ze kon de sfeer thuis niet verdragen.

De stad zag werkelijk zwart van de mensen. Typisch Russisch. Lillium stak haar handen in haar zakken, zodat ze warm bleven. De gure wind sneed langs haar wangen. Ze voelde hoe haar gezicht verkrampte. Ze sloot zich even af van de wereld. Van de hectische stad, de golven van geluiden, het irriterende geduw van de mensen en het gehaast. In gedachten verzonken schreed ze door de straten van Sint-Petersburg. Lichtgevende slingers gedraaid om lantaarnpalen. Koud. Ze had het verschrikkelijk koud.
'Lilli!' hoorde ze achter haar. Lillium draaide zich om en viel in de armen van haar toekomstige echtgenoot, Jake Woods. Hij had een lange zwarte jas aan en zijn zwarte haar zat in een nette hanenkam. Ze glimlachten toen ze elkaar zagen.
'Toevallig, zullen we wat drinken?' hoorde ze hem zeggen. Ze knikte. Ze liet Jake het cafe binnenlopen. Ze keek nog even naar de hemel.
'Lilli, kom je?' vroeg Jake en trok aan haar hand. Lillium werd wakker geschud en liep met hem mee. De geluiden klonken scherp in haar oren. Haar gezicht ontspande en tintelde. Jake wees naar donkeren leren stoelen. Ze ging zitten en wachten tot Jake terug was. Hij zei dat hij drankjes zou halen. Ze had geen dorst. Ze voelde zich onveilig bij hem. Maar toch ook weer veilig. Ze had het gevoel dat ze betrapt zou worden. Maar wat dan nog? Er was niks bijzonders tussen hen, alles behalve liefde.
'Hier, proost!' hoorde Lillium Jake zeggen. Ze keek op vanuit het raam. Hij had een fles met water of iets anders er in en twee kleine glazen. Met veel gemors schonk hij in en ging naast haar zitten. Hij legde zijn arm om haar schouder en pakte het glaasje. Lillium omklemde haar koude vingers om het glas heen en rook aan het doorzichtige goedje. Het rook sterk. Jake klopte op haar schouder.
'Probeer maar.' zei hij en gooide zijn glas naar achter. Met dichtgeknepen ogen slaakte hij een tevreden zucht. Zij keek naar haar glas. Haar gezicht werd er in gespiegeld. Ze wist dat ze op het puntje van een enorm ravijn stond. Nu. Nu. Nu! Met dichtgeknepen ogen gooide ze het glas naar achter. Ze verslikte zich en moest hoesten. De smaak was werkelijk ondragelijk. Bitter en veel te sterk. Ze wapperde met haar handen, maar de smaak in haar mond ging niet weg. Het brandde in haar keel. Jake lachte en schonk nog meer in. Wat maakt het ook uit?

Een paar uur later strompelden Jake en Lillium buiten naar het station. Lillium kon nauwelijks normaal lopen. Een nette man liep langs hen. Ze wenkte de meneer en knipperde om helder beeld te krijgen. Ze haalde diep adem en wees naar hem.
'Meneer,' begon ze, 'Wist u...Dat uw vrouw heeel zielig alleen thuis zit? Ja.'. Ze leunde tegen Jake aan, die lachte en haar meesleurde. Haar benen namen veel te grote stappen, ze vielen over elkaar heen.
'Wacht even,' probeerde ze, maar alles bleef draaien. Wat gebeurde er? Haar beeld was wazig en onhelder. Ze wist alleen dat ze een taxi in gestopt werd en op Jake's schoot lag. Ze boorde haar nagels in zijn schouders en knipperde nog een paar keer.
Ze hoorde vage stemmen en met een schok ging de auto vooruit.
'Kom eens hier.' grinnikte Jake en zocht naar haar lippen met zijn vinger.
'Ah, gevonden.' hoorde ze hem zeggen. Het volgende wat ze voelde waren zijn lippen op de hare. Warmte. Nee, zijn lippen brandden op de hare.
'Eén kusje maar.' fluisterde ze moeizaam en zoende hem terug. Jake hield niet van stoppen. Oke, twee dan. Het ging veel verder dan dat. Handen op verborgen plekken, lippen op de verkeerde plekken en verkeerde dijen ontbloot. Het portier ging plotseling open. De kou vanbuiten golfde naar binnen, zodat kippenvel over haar blote bovenbeen trok. Lillium voelde een sterke greep om haar bovenarm. Hij kneep ongelooflijk hard. Ze kermde en hief haar hoofd op. Jake liet haar meenemen door de sterke greep en zwaaide nog even. Hij trok het portier dicht en de auto reed weg. Lillium wankelde en probeerde te concentreren op de grond, zodat het scherp werd. Ze rook aan de sigarengeur dat haar vader haar vasthield. Hij rammelde haar door elkaar. Ze voelde zich misselijk worden.
'Hoe durf je?' spuugde haar vader, John Candell. John was getrouwd met Mascha Candell. Mascha was een charmante Russische dame. John was een Engelsman, hij was een rijke zakenman. Ze werden verliefd op elkaar en uiteindelijk kon Mascha niet terug naar Engeland, mee met John. Hij was daar uiteindelijk voor een zakenreis. Mascha had maanden gewacht tot zijn beloofde terugkeer, hij kwam pas terug na een jaar. Ze had elke ochtend bij de haven gewacht, en hij was daar. Ze besloten te trouwen. John gaf zijn hoge functie op en begon als een beheerder van gronden. Nu was hij de beroemdste landheer. Lillium voelde hoe hij haar naar binnen sleepte en op de grond duwde. Lillium bonkte met haar hoofd tegen de grond. Het deed haar misselijkheid sterker worden. Ze voelde hoe haar vader in haar maag schopte en op haar rug stampte. Ze draaide de knop van pijn uit in haar hoofd en liet het over haar heen komen. Haar vader was werkelijk woest. Zijn dochter duwde hij tegen de trap. Donkerrood bloed droop uit haar neus op het hout. Ze liet haar tranen geruisloos over haar wangen sluipen. Haar pupillen waren drie keer zo groot als normaal, wat hem nog woester maakte.
'Gore slet!' bulderde hij en pakte zijn dochter stevig bij haar bovenarmen. Hij schudde haar wild door elkaar. Nu begon ze wel te jammeren. Ze liet onduidelijke woorden tussen haar lippen ontsnappen. Haar kapotte lippen, van het vallen en opstaan en dan weer keihard vallen. Verbitterd greep John haar bij haar haar en duwde haar op de grond. Ze kroop naar de trap toe, hij liet zijn voet landen op haar rug. Hij hoorde haar kermen en piepen als een jankende hond. Het deed hem niks. Hij pakte haar nog een keer bij haar haar en sleurde haar overeind. Nu brieste ze van de pijn, ze gilde nog steeds niet. John smeet haar weer op de grond. De pijn schoot door heel haar lichaam. Ze kroop de trap op, paniekerig en verkrampt. Ze wilde ontsnappen uit zijn armen en een veilige plek zoeken tussen de muren van een stille en lege kamer. Haar vader brieste. Lillium krabbelde overeind en rende naar de badkamer. Ze dook naar de toilet en kneep haar ogen dicht. Ze omklemde haar vingers om de wc-pot en gooide haar hoofd naar voren. Ze gaf over en kneep haar ogen dicht. Het bleef maar komen. Uitgeput leunde ze tegen de koude tegelmuur aan. Ze liet haar verhitte wang op een tegel rusten. Het overgeefsel prikte in haar keel, alsof het in haar weefsel beet. Ze greep naar de gootsteen en hees zich overeind. Ze waste haar gezicht en poetste haar tanden ruw. Ze trok haar japon aan en liep naar haar slaapkamer. Ze trok het raam open en hing naar buiten. Het sneeuwde. Ze voelde een hand op haar rug. Hij was koud en voelde beangstigend aan op haar blote rug. Hij duwde haar tegen het kozijn aan, waardoor Lillium een golf van misselijkheid voelde. Ze hoorde iets knappen in haar buik. De aanwezigheid van iemand in de kamer verdween. Lillium voelde aan haar buik. Toen moest ze kokhalzen en hing ze haar hoofd naar buiten. Bloed goot uit haar mond. Het verdween in de donkere waas beneden. Het begon harder te waaien. Een druppel bloed gleed langs haar mondhoek naar haar kin. Ze veegde hem verwoed weg en sloop in bed. Ze trok de dekens over zich heen, hopend haar lichaamswarmte te behouden. De smaak van bloed en kots was walgelijk, maar ze verbeet het. Ze wilde slapen. Slapen. Nooit meer wakker worden, eeuwig blijven dromen.

Lillium luisterde niet naar het gebabbel van de dienstmeisjes. Deze dag zou letterlijk het einde zijn. Het was 26 januari, vrijdagochtend in de naaikamer. Ze stond voor de spiegel. De persoon in de spiegel zag er werkelijk prachtig uit, maar ze wilde niets liever dan de jurk verscheuren. Straks moest ze naar de kerk in de auto. Haar vader zou haar weggeven, maar dat had hij volgens haar gevoel al lang gedaan.
'Mevrouw, u bent klaar.' fluisterde een dienstmeid . Met een diepe zucht liep Lillium de kamer uit, de trap af, de deur uit, de auto in. Het was er ijskoud, in de geïsoleerde bak met wielen. Ze sloot haar ogen en wachtte tot de rit voorbij was. De chauffeur was duidelijk een amateur, hij reed veel te hard en slipte bijna de bossen in door het gladde wegdek. Uiteindelijk stopte de amateur en wachtte. Het portier ging open. De kou vermengde zich met de lucht van de auto. John stond buiten en pakte haar hand, ze werd bijna uit de auto gesleurd. Samen liepen ze de kerk in, langs de grote ijzeren deuren. Iedereen zat op houten banken, ze stonden op toen Lillium binnenkwam. Jake stond bij het altaar, hij grijnsde. Met moeite haalde ze haar glimlach te voorschijn, want daar ging haar leven. Daar ging haar toekomst, haar dromen, haar leven met Charlie dat ze had kunnen krijgen als ze zijn zus niet was geweest. John liet haar achter met Jake, die haar hand pakte. Ze dempte het geluid en wachtte. In haar ooghoeken zag ze Charlie naast Estella zitten. Zijn oogleden waren rood, hij had gehuild. Ze kon geen reden bedenken waarom, hij hield toch niet van haar. Estella had een kots groene jurk aan, niet erg charmant. Maar hij hield wel van haar, en niet van Lillium. Zij wachtte op Charlie, om haar te redden, maar hij kwam niet. In plaats daarvan stond iedereen op en klapten terwijl Jake haar kuste. Vaag proefde ze wodka of iets anders bitter. Ze wilde janken, krijsen, hem slaan. Maar ze had geen energie meer om dat te doen.

De jaren daarna waren hectisch en zwaar. Lillium en Jake woonden nu in de drukke stad in Sint-Petersburg. Soms wilde ze gillen, ze werd letterlijk gek van het geluid. Jake kwam elke avond laat thuis, hij werkte voor een krant en was bijna de hele dag weg. Ze miste het leven in de bossen, met de stilte. Ze miste Charlie zo erg dat het pijn deed.

Bij Charlie was alles prachtig. Estella en hij woonden in een groot landhuis ergens in de bossen. Hun bruiloft was ook net een sprookje. Ze hadden samen een kind van zes, Sophine. Charlie bezat een grote textielfabriek, hij was alleen weg in de ochtend. Sophine was een beleefd kind en deed het goed op school. Charlie betrapte zichzelf elke avond wanneer hij droomde over Lillium. Hij schaamde zich.

Elke avond was het hetzelfde liedje bij Lillium thuis. Geschreeuw, glazen flessen die op de grond ketsen en een hoop gehuil. Lillium stond in de keuken. Ze had eten klaargemaakt, maar koken was niet haar sterkste punt dus het zou wel niet smaken. De voordeur zwaaide open en ze hoorde een hoop gestommel. Een lucht van sigaren en drank kringelde uit de gang. Jake wankelde de keuken in en bonkte neer op de stoel. Ze zette zijn bord voor zijn neus en pakte ook haar bord. Ze schonk water in, met de hoop dat hij dat zou drinken. Hij nam een grote hap, maar spuugde het meteen uit. Lillium schrok en viel bijna van haar stoel.
'Noem je dit eten?' brulde hij en bonkte met zijn vuist op tafel. De borden rinkelden en de glazen met water vielen op de grond. Hij greep zijn bord en mikte naar Lillium's hoofd, maar ze sprong uit haar stoel. Ze deinsde achteruit. Ademloos liet ze toe hoe haar echtgenoot in een waar monster veranderde. Hij stapte op haar af en kneep in haar bovenarm. De pijn schoot van haar arm naar heel haar lichaam. Alles draaide om haar heen, terwijl ze met een harde klap op de grond viel. Jake schopte in haar maag, waardoor ze naar adem moest happen. Ze draaide de knop om en verbeet haar pijn. Jake greep haar bij haar schouders en begon haar ruw te zoenen. Ze luisterde naar de regen hoe het in de goot kletterde. Ze voelde hoe hij onder haar jurk voelde en wat dingen naar beneden trok en ook zijn broek naar beneden trok. Lillium voelde een gruwelijke pijn tussen haar benen, terwijl Jake haar stevig vasthield, met zijn mond in haar nek. Hij voelde en kreunde en zoende. Het was wreed. Zelfs voor hem. Nee, het was typisch hem.
'Ik hoop dat je verbrand in de hel.' fluisterde ze ademloos. Toen kreeg ze een harde duw in haar buik en klapte met haar hoofd tegen de muur. Het werd zwart.

De maanden vlogen voorbij, het werd kerst. Charlie had Lillium en Jake uitgenodigd. Ze kwamen nu aan. Jake stond nog de koffers uit de auto te sjouwen, maar Lillium rende naar binnen en vloog in Charlie's armen. Ze zag er slecht uit. Ze had een schram op haar voorhoofd en een schaafwond op haar wang, die ooit zo mooi perzik was. In haar armen sprong een harige pluizenbol.
'Wat is dat?' riep hij. Ze lachte en zette het geval neer op de tafel.
'Dat is een kat, ze heet Alexa.' zei ze en trok haar jas uit. Ze gooide hem op de 'kat' en knuffelde Charlie heftig. Haar geur liet hem duizelen. Zonder zich schrap te zetten zoende hij zijn zusje. Ze sloot haar ogen en verslapte in zijn armen. Haar smaak was goddelijk, ze was een godin. Alsof iemand in zijn gezicht sloeg rukte hij zich van haar af, het leek net of ze magneten waren die bleven plakken. De realiteit had hem geslagen in zijn gezicht, en hard ook. Met een klap lag Lillium op de grond.
'Wat doe je nou?' gilde ze huilend. Charlie schudde zijn hoofd en beende woest weg. Ze was te verslavend, hij moest weg.

Lillium zag hoe Sophine de kamer binnen strompelde en haar onzeker aankeek. Ze wist niet wat ze deed, maar Sophine lag op de grond. Ze had een klein kind geslagen, voor niks. Omdat ze jaloers was? Het was geen goed idee om hier te komen, Jake stond gelukkig nog buiten. Lillium greep haar jas, vergat Alexa, rende de deur uit en gaf Jake een duw. Ze struikelde bijna in de sneeuw, wanneer ze haar bontjas aan sjorde.
'Pak nou in. We moeten gaan.' snauwde ze verbitterd. Jake slaakte een geërgerde kreet. Hij gaf zijn vrouw een duw.
'Hallo, ik heb ontzettend mijn best gedaan. Ik ga nu niet weg.'. De paniek sloeg haar toe en ze wrong zich in de auto bij het stuur. Ze prutste aan de knoppen en de sleutel, maar hij startte niet. Jake gromde en sleurde haar de auto uit. Hij schudde haar door elkaar en ramde haar met haar hoofd tegen de auto aan. Als een pop viel ze in de sneeuw, de sneeuw plofte. Gauw stapte hij in en reed weg.

'Waarom niet?' zeurde Estella en kneep in zijn billen. Charlie duwde haar weg en liep naar buiten, hij had zijn jas niet aan, geen zin. Lillium proefde hij nog steeds, het was goddelijk lekker. De sneeuw kraakte en plofte onder zijn voeten. Kwaad op zichzelf liep hij verder, maar plotseling zag hij iets liggen in de sneeuw. Hij zag iemand liggen in de sneeuw. Rood haar, een zwarte bontjas. Angstig rende hij er naar toe en knielde er bij neer. Als een enorme klap kwam het bij hem aan. Lillium lag daar in de sneeuw.
In de rode sneeuw, dood.

Terug | Auteur: Pebblooz